Gehoord, gezien, gelezen

Matthäus Passion – Johann Sebastian Bach

Ontroerende kruisiging in Matthäus Passion Bachkoor

Gehoord: Koning Willem Alexanderzaal, Orpheus, Apeldoorn, 18 maart 2016

Matthäus Passion (J.S. Bach, BWV 244) door Bachkoor Apeldoorn o.l.v. Joop Schets, m.m.v. Het Gelders Orkest, Sacramentskoor Breda, Dirk Luijmes en Andries Stam (orgel), Ralph Rousseau Meulenbroeks (viola da gamba). Solisten: Hans Christian Hinz (bas, Christus), Peter Vos (tenor, evangelist), Heleen Koele (sopraan), Dave ten Kate (countertenor), Leon van Liere (tenor), Marc Pantus (bas).

Bachkoor Apeldoorn heeft hoorbaar geprofiteerd van de intensieve studietijd die vooraf is gegaan aan het uitvoeren van Bachs Hohe Messe in 2015. In deze vertolking van de Matthäus Passion was elk spoor van routine (een gevaar dat altijd op de loer lig als een werk elk jaar weer op het programma staat) uitgebannen. Het koor (ook deze keer weer opgedeeld in een ‘oratoriumkoorformaat’ Koor 1 en een ‘kamerkoorformaat’ Koor 2) zong strak, geconcentreerd, helder en bevlogen – mag ik zeggen: beter dan ooit?
In samenhang met een weer magistrale Hans Christian Hinz in de Christuspartij en de verrassend expressieve nieuwkomer Peter Vos als de evangelist leverde dat (onder meer) een zeldzaam meeslepende en ontroerende kruisigingsscène op, waarin angst, verstilling en smart voelbaar waren.
Dirigent Joop Schets legt elk jaar weer hier of daar een ander accent. Deze keer wel heel duidelijk en effectief: het prachtige pianissimo van koor en orkest in het tweede couplet van het koraal ‘O Haupt voll Blut und Wunden’, het ingehouden tempo van het turbakoor ‘Gegrüszet’. Goede keus, mooi gedaan.
Ook de solisten leverden waardevolle bijdragen. Te noemen vallen Heleen Koele met ‘Aus Liebe will mein Heiland sterben’, Dave ten Kate met ‘Erbarme dich’, en vooral deze twee samen in ‘So ist mein Jesus nun gefangen’. Leon van Liere was indrukwekkend in ‘Mein Jesus schweigt’, Marc Pantus in ‘Am Abend’. Het ‘grote’ Koor 1 niets ten nadele, maar het ‘kleine’ Koor 2 stal wel een beetje de show met zijn subtiele bijdragen aan ‘O Schmerz’ en ‘ Ich will bei meinem Jesu wachen’ in deel 1, en ‘ Ach, nun ist mein Jesus hin’ in deel 2.
Heel mooi waren de seconden na het versterven van het slotakkoord, toen Schets lang de spanning vast wist te houden, en de volle zaal zowaar zonder gekuch en gehoest een absolute stilte bereikte.

René de Cocq (muziekjournalist, medewerker van de tijdschriften Luister en Vocaal)


Hohe Messe – Johann Sebastian Bach

Compliment voor het Bachkoor

Gehoord: Koning Willem Alexanderzaal, Orpheus, Apeldoorn, 12 december 2015

Het komt niet vaak voor dat een amateurkoor de prachtige uitvoering van de monumentale Hohe Messe BWV 232 van Johann Sebastian Bach op haar programma durft te plaatsten, schrijft Leo Smeets aan MijnStentor. Hij is naar het concert geweest dat het Bachkoor gaf in de schouwburg van Apeldoorn. “Onder leiding van de inspirerende dirigent Joop Schets heeft het Bachkoor Apeldoorn zich op een voortreffelijke manier door deze vocaal-technisch lastige partituur van Bach een weg gebaand. De begeleiding was in handen van Het Gelders Orkest. Dat het orkest zich bewust was van de grootsheid van deze muziek van Bach bleek wel uit het fraaie samenpel in alle geledingen van het gehele orkest . Als toehoorder werd je beetje bij beetje opgetild naar deze goddelijke muziek van Bach. Door op het juiste moment te doceren en met zijn stimulerende mimiek en lichaamstaal, wist dirigent Joop Schets het Bachkoor Apeldoorn en het Gelders Orkest naar een apotheose te brengen in het magistrale afsluitende Dona nobis pacem. Het pad daarvoor was reeds geëffend door de fenomenale stem van de altus Dave ten Kate. Hij wist de zaal helemaal stil te krijgen met zijn vertolking van de inleiding van het Dona nobis pace.

Een groot compliment ook aan het adres van alle vier de solisten, sopraan Heleen Koele, de alt Barbara Kozelj , de fantastische altus Dave ten Kate en tenor Leon van Liere die indruk maakten. Dat deze hemelse muziek nog steeds volle zalen trekt, bleek gisteravond wel uit de enorme publieke belangstelling voor dit concert. Bijna volle bak!”


Magnificat – Johann Sebastian Bach

Canticum Simeonis – Helmut Barbe

Requiem – Gabriël Fauré

Bachkoor zingt met ingetogen Kamerorkest

Gehoord: Koning Willem Alexanderzaal, Orpheus, Apeldoorn, 15 november 2014

APELDOORN – Er wordt wel gezegd dat organisten het geloof kiezen dat beleden wordt in de kerk met het beste orgel. Maar ook Bach was enig ideologisch pragmatisme niet vreemd. Voor het Magnificat gebruikte de Lutherse componist de Latijnse tekst uit de Katholieke eredienst. Bachkoor Apeldoorn opende zaterdagavond in Orpheus met de kenmerkende trompetten van het Magnificat zijn najaarsconcert. Hoewel er prachtige momenten waren, zoals de aria’s van de uitmuntende en zeer getalenteerde alt Maria Fiselier, een zangeres om in de gaten te houden, (inderdaad de dochter van bas Frans Fiselier) was het geheel hier en daar een tikkeltje onrustig. Instrumentalisten en vocalisten zaten niet op dezelfde draaggolf. Gaandeweg viel de zaak beter op zijn plaats. Erg mooi was de prestatie die het koor leverde in het ingewikkelde en contrapuntische Gloria aan het slot. Meer orkestrale focus was er in het bezwerende Canticum Simeonis van de Duitse componist Helmut Barbe. Barbe combineert (vergaand) gestileerde elementen uit de jazz met hedendaagse compositietechnieken tot een meditatief, intrigerend en heel mooi geheel. De koorklank was mild en kleurde goed bij de solist, de welluidende tenor van Leon van Liere. Dezelfde ingetogen koorklank was uitgangspunt in het beroemde Requiem van Gabriël Fauré. Erg sterk was de muzikale opbouw die dirigent Joop Schets ook hier realiseerde. In het Sanctus mondde de beheerste opbouw uit in een juichend en stralend fortissimo, waarbij de hoorns de koorklank tot een nieuwe dimensie tilden.
Het jubelende Sanctus vormde de opmaat voor het spirituele hoogtepunt, Pie Jesu, waarin de Zwolse Heleen Koele haar muzikaal meesterschap etaleerde. Koel, beheerst, zuiver en zonder opsmuk. Prachtig!
Joop Schets en Bachkoor brachten het Requiem niet in de gebruikelijke versie met volledig symfonieorkest maar in de interessante oudere versie voor kamerorkest. Deze versie heeft lange tijd de oren van de luisteraars niet kunnen bereiken. Pas in de jaren tachtig van de vorige eeuw is het weer onder het stof der eeuwen vandaan gekomen.

Bachkoor Apeldoorn, Parnassus Ensemble. Dirigent: Joop Schets

Maarten Mestrom, 15 november 2014


Matthäus Passion – Johann Sebastian Bach

Gave Mattäus Passion door Bachkoor Apeldoorn

Gehoord: Koning Willem Alexanderzaal, Orpheus, Apeldoorn, 11 april 2014

De wereld draait door. Het oog op morgen. De Volkskrant. NRC Handelsblad… de Matthäus – een drie-en-een-half uur durend, bijna drie eeuwen oud barok-oratorium met fuga’s, countertenor en viola da gamba over het lijden van Christus – is ‘in’.
Maar is die Matthäus een puur contemplatief muziekstuk voor solisten, koor en orkest of is het – eigenlijk – een semi-opera over vervolging en kruisiging van een onschuldige? Tegenwoordig is gebruikelijk om te kiezen voor de eerste invalshoek en de pure esthetiek van de mooiebarokfuga’s en -aria’s voorop te zetten. Vanuit dat perspectief bezien was de uitvoering vanBachkoor Apeldoorn onberispelijk. Zes bijzonder mooi bij elkaar passende solisten. Devibratorijke, warme en volle sopraan van Hanneke de Wit kleurde perfect bij de alt van Dave ten Kate die van essentiele aria’s als Buß und Reu en Erbarme dich absolute muzikale hoogtepunten maakte met zijn glaszuivere zang en mooie tekstexpressie. Bijzonder was ook het samengaan van altus en sopraan in het duet So ist mein Jesus nun gefangen.
Indruk maakte de Limburgse arts/tenor Peter Vos die een mooi emotioneel randje aan zijn stem heeft. Gecombineerd met de gamba van Ralph Rousseau Meulenbroeks – de enige gambaist die je doet begrijpen waarom Bach dit weerbarstige instrument voorschrijft – leverde in Komm, sußes Kreuz één van de kantelpunten op van de avond.
Ook het Bachkoor, versterkt met zangers van Toonkunst Arnhem, leverde een uitstekende prestatie in de voor vocale muziek door zijn koele, analytische akoestiek niet makkelijke Willem-Alexanderzaal. De afgewogen woordaccenten, crescendi en mooie, fluisterzachte passages kwamen goed over het voetlicht. Een van de ‘troeven’ van de uitvoering in Apeldoorn is uiteraard de begeleiding door musici van Het Gelders Orkest. Bijzonder mooi was de solohobo van Bram Kreeftmeijer in het samenspel met wederom tenor Peter Vos en de koorondersteuning in Ich will bei meinem Jesu wachen.

Bachkoor Apeldoorn, Het Gelders Orkest, Sacramentskoor Breda. Dirigent: Joop Schets

Maarten Mestrom, 11 april 2014